Blog Esther

Ik ben geboren in 1975, en sinds mijn 19e samen met M. We hebben een prachtige zoon (2006) met klassiek autisme, een verstandelijke beperking en een slaapprobleem. Onze dochter (2008) is een lieve, vrolijke, slimme meid.

Ik geloof in God, gelukkig. Ik werkte jarenlang als verpleegkundige, maar ben nu vooral moeder. Als ik genoeg energie heb loop ik hard, maar mijn grootste passie is schrijven. Voor verschillende websites en tijdschriften schrijf ik over onze gezinssituatie en het dagelijks leven met een zorgintensief kind. Over autisme, over zorgen, over liefde, en over niet te ver vooruitkijken, omdat dichtbij zoveel moois is.

De namen van mijn kinderen zijn in mijn blogs en columns gefingeerd.

Blog Esther - - Hij vindt het leuk

donderdag 23 juli 2020
Blog Esther - - Hij vindt het leuk

Met grote ogen zie ik hem kijken. Voor de zekerheid blijft hij dicht bij zijn grote zus. Tom schommelt op z’n hardst. Aan een stuk door komen er harde kreten uit zijn mond, en ik zie hoe hij geniet. Op zulke momenten wil ik hem slechts door mijn eigen ogen zien. Mijn lieve zoon, die zo blij wordt van schommelen. Geen blikken van mensen die hem raar of storend vinden, of bang zijn dat hun kinderen niet veilig zijn bij hem in de buurt.


‘Hoe oud is hij?’ vraagt het jongetje.
‘Bijna 14,’ zeg ik, en ik voel wel aan dat hier iets meer informatie nodig is.
‘Eigenlijk is hij in zijn hoofd nog veel jonger. Net als een kind in groep 1, ongeveer.’
Het jongetje knikt, haalt zijn neus op en roept: ‘Ik ga al naar groep 2!’
Het zusje zegt trots: ‘En ik naar groep 5! Na de zomervakantie pas hoor.’
Tom joelt steeds harder en ik roep: ‘Doe maar iets zachter, Tom!’
Het jongetje lacht en zegt: ‘Hij vindt het leuk.’

De drempel is soms zo hoog om dit soort dingen te doen. Het verschil tussen Tom en de andere kinderen in speeltuinen wordt zo groot. De blikken naar die grote luidruchtige jongen. Door mijn eigen ogen kijken lukt maar af en toe.

‘We gaan weer weg.’ De grote zus vindt het mooi geweest.
‘Doeg!’
Nog een laatste blik werpen ze op Tom. De jongen van bijna 14 die ongeveer in groep 1 hoort.

Tom komt van de schommel. “Bankje, koekje, flesje.”
‘Goed idee, jongen.’
‘Was leuk schommel.’
‘Ja hè? Jij kan heel goed schommelen.’
‘Heel goed schommelen!’

Ik ben ontroerd, om mijn zoon van bijna 14 die zo blij wordt van een simpele schommel, en om een jongetje van 5 dat naar hem lacht en zegt: ‘Hij vindt het leuk.’